Home - Actueel - Vrouwenrechten - Deelnemer Feminist Climate Academy ontmoet actievoerders van over de hele wereld

Deelnemer Feminist Climate Academy ontmoet actievoerders van over de hele wereld

In 2024 mocht een deelnemer van de Feminist Climate Academy naar Tanzania reizen om deel te nemen aan het Climate Justice Camp. Naomi ging daarheen om een week samen te werken met jongeren die klimaatactie leiden in landen die hardst geraakt worden door klimaatverandering. Ze wisselden ervaringen uit, sloten nieuwe verbonden en bedachten innovatieve projecten. Naomi hield voor ons een dagboek bij en maakte filmpjes waarin jongeren uit het mondiale Zuiden hun boodschap met ons delen. Samen blikken we terug op deze bijzondere week.

 

Deelnemers van het Climate Justice Camp, met Naomi in een zwart t-shirt, op de tweede rij, derde persoon van rechts.

 

Wat was de reden dat je wilde meedoen aan de Feminist Climate Academy? 

“Ik wilde me verder verdiepen in de contradicties van het duurzaamheidsverhaal. Hoe verlagen we zo snel mogelijk onze uitstoot, zonder dat we daarmee gemeenschappen in het mondiale Zuiden verder uitbuiten? Ik wilde gelijkgestemden ontmoeten en samen de handen uit de mouwen steken. En die vond ik: samen met mijn groepje bedachten we een spel waarin mensen zich moesten inleven in een bepaalde rol. Dat kon ING zijn, of Shell, of juist een boer die de gevolgen van klimaatverandering ervaart. Zo maakten mensen zelf mee hoe verschillende actoren keuzes maken en wat de gevolgen daarvan zijn. Het was een leuk proces, in een paar maanden kregen we zomaar een heuse actie voor elkaar! We speelden het spel zelfs met politici die daarna daadwerkelijk naar de VN Klimaattop gingen.

 

Vervolgens mocht je naar Tanzania voor het Climate Justice Camp, wat verwachtte je daarvan? 

“Ik vond dat een mooie kans! Bij de Feminist Climate Academy hadden we het vaak over mensen die de gevolgen van de klimaatcrisis dagelijks voelen. Dit was een kans om rechtstreeks te horen hoe mensen hiermee omgaan, zich inzetten voor een betere toekomst en om daarvan te leren. Ik ontmoette er mensen uit Zambia, Senegal, Malawi, Oeganda, Ethiopië, Tanzania, Liberia, Kenia en ook uit Palestina, Jordanië, Denemarken…” 

 

Uit Naomi’s dagboek:

Dag 2: Vandaag leerde ik over het geweldige werk dat mijn collega’s doen. Jongeren uit Oeganda vertelden hoe ze kinderen voorlichten over strategieën voor klimaatadaptatie. In Kenia helpen actievoerders gemeenschappen die te maken hebben met droogte met klimaatvriendelijke landbouw en landherstel. In Malawi werkt iemand aan een project om jonge vrouwelijke boeren te trainen op agro-ecologische boerderijen. Ik leerde over nieuwe technieken: heb je bijvoorbeeld ooit gehoord van zwarte soldaatvliegen die afval kunnen verwerken? En hoe afval in Jordanië wordt omgezet in energie?” 

 

Wat was voor jou het hoogtepunt van de week in Tanzania? 

“Om met daar met elkaar samen te zijn. De eerste avond gingen we dansen. We voerden mooie gesprekken, bijvoorbeeld over hoe het is om als vrouw gezien te worden in de landen waar mensen zijn opgegroeid. Dat vond ik heel bijzonder. Een ander hoogtepunt was de dag waarop we een simulatie deden van de VN Klimaattop-onderhandelingen over klimaatfinanciering. Een spelletje steen-papier-schaar bepaalde dat ik de hoofdonderhandelaar namens de Afrikaanse onderhandelingsgroep (AGN) zou spelen. Ik vond het spannend om die onderhandeling te leiden, terwijl er een heleboel mensen van het Afrikaanse continent aanwezig waren. Ik wilde de verhalen die ze mij verteld hadden goed overdragen. Tegelijk vertegenwoordigden anderen Europa. Het was gek om Europa te horen praten, met ‘onze innovaties’ en ‘moet onze belastingbetaler dat gaan betalen?’Argumenten waar die jongeren zelf niet achter stonden, maar waar ze wel helemaal in gingen. De emoties liepen soms hoog op, wat blijkbaar ook niet ongewoon is op de echte COP. Aan het einde schreven we een declaratie met dingen die wij anders zouden willen zien en willen meegeven aan de VN Klimaattop en aan de African Summit.”  

 

Uit Naomi’s dagboek:

Op de laatste dag hielden we een kleine protestactie. Tijdens de lunchpauze mobiliseerden we anderen op de campus om mee te doen. Met leuzen en spandoeken gingen we op pad. Voor sommige mensen was het de eerste keer dat ze protesteerden, omdat dat in bepaalde landen niet (veilig) mogelijk isWat een recht is het om te kunnen demonstreren! Een recht dat we moeten verdedigen.

Hou je nog contact met mensen van het kamp? 

“Zeker! En ik neem hun perspectief mee in alles wat ik doe. Hun positieve insteek, zoals dat zij in deze crisis juist banen creëren voor jongeren om te werken aan klimaatadaptatie en voor een rechtvaardige toekomst. En een bewustzijn van welke verantwoordelijkheid ik hier kan nemen, of die mensen hier te vaak niet nemen.”